Wat is een schakelaar?

Een schakelaar zorgt ervoor dat er geleiding van het stroom veilig plaatsvindt. Op het moment dat je hem schakelt, maak hij verbinding met de stroom of verbreekt het (een “aan” en “uit” knop).

Een schakelaar is een van de basiselementen van je huis en wordt afgedekt met een kapje waar je de stroom mee kunt bedienen. Dit kapje ziet er overigens meer uit als een schakelaar, dan de schakelaar zelf.

Wat is een aardlekautomaat?

Je hebt enkelpolige en dubbelpolige schakelaars. Een dubbelpolige schakelaar is vooral geschikt in vochtige ruimtes of wanneer je een installatie gegarandeerd spanningsvrij wilt hebben. Anders volstaat een enkelpolige schakelaar.

Wat is een dimmer?

Een dimmer is een schakelaar met een draai of schuifsysteem. Met een dimmer kun je de sterkte van de verlichting regelen. Hoe lager de lamp gedimd is, hoe minder energie je verbruikt. Dit maakt een dimmer energiebesparend.

Om te weten welke dimmer je nodig hebt, is het belangrijk dat je weet welk type lichtbron je wilt dimmen en de spanning die deze nodig heeft (230 of 12 Volt), of de lamp gedimd kan worden en of je gebruik moet maken van een transformator.

Let op!
Een ledlamp is vaak niet te combineren met een standaard gloeilampdimmer. Dan gaat deze knipperen, zoemen of trillen. In het uiterste geval kan de lamp kapotgaan. Je hebt dus een leddimmer nodig.

Maximaal vermogen

Elke dimmer heeft een maximaal vermogen (Watt). Het is van belang om het minimale vermogen en het maximale vermogen te achterhalen. Binnen dit vermogen maak je een keuze voor de dimmer.

Als er meer dan 1 lamp is aangesloten, krijgt iedere verlichtingsbron dezelfde vermogen van de dimmer. Het wordt evenredig verdeeld. Het vermogen vind je op de dimmer of de verpakking.

Wat is een stopcontact en wat zijn de mogelijkheden?

Het stopcontact is het contactpunt waaraan je elektrische apparaten kunt koppelen met een stekker.

Vast stopcontact

Vaste stopcontacten monteer je in de muur of op de muur. Je hebt de keuze uit inbouwcontactdozen en opbouwcontactdozen. Inbouwcontactdozen zijn het meest gangbaar binnenshuis, omdat de afwerking strakker is en er minder materiaal uit de muur steekt.

Verplaatsbaar stopcontact

Een verplaatsbaar stopcontact is er een die je eenvoudig kunt verplaatsen. Dit zijn dozen met meerdere contactpunten, zoals een haspel of tafelcontactdoos. Deze zijn vaak voorzien van een lampje om aan te geven of de stroom aanstaat.

Met of zonder randaarde

Stopcontacten zijn beschikbaar met of zonder randaarde. Randaarde wil zeggen dat het voorkomt dat apparaten onder stroom komen te staan als er een lekstroom ontstaat. Je kunt dit herkennen aan metalen klemmetjes en de diepte van een stopcontact.

Een geaard stopcontact is veiliger, maar je hebt wel een aardedraad nodig (een geelgroene draad). Wanneer deze niet aanwezig is, zal je deze naar al jouw stopcontacten moeten trekken. Daar ben je wel even druk mee en kun je beter laten doen door een professional.

Kinderbeveiliging

Heb je kinderen of heb je plannen voor de toekomst? Dan is het verstandig om jouw stopcontacten te voorzien van kinderbeveiliging. Hierdoor wordt het lastiger om sleutels, pennen of andere metalen objecten in het stopcontact te krijgen.

Enkel of tweevoudig

Stopcontacten hebben je in 2 verschillende uitvoeringen; een enkele of tweevoudige uitvoering. Deze heb je eventueel ook weer met of zonder randaarde.

Een enkelvoudig stopcontact betekent een contactdoos met 1 aansluiting. Een tweevoudig stopcontact betekent een contactdoos met 2 aansluitingen. De afdekking die je erop monteert, heeft de mogelijkheid tot 2 stekkers in plaats van 1.

Binnen of buiten

Zowel inbouw als opbouw is geschikt voor binnen of buiten. Wanneer je te maken hebt met buiten en vochtigheid is het verstandig te kiezen voor een stopcontact met een klapdeksel en geschikt voor buiten (IP-waarde). Dit beschermt de contactdoos tegen vocht en vuil.

IP-waarde

De IP-waarde van een stopcontact geeft aan hoe waterdicht en stofdicht het product is. Het eerste cijfer staat voor de stofdikte en het tweede cijfer voor de waterdichtheid. Hoe hoger de IP-waarde, hoe beter het stopcontact. Het advies is om altijd minimaal een IP-waarde te hanteren van IP-44 als je werkt met stopcontacten voor buiten.

Veilig werken bij het aansluiten van een schakelaar

Jouw veiligheid staat voorop! Wanneer je werkt met elektriciteit gelden er veiligheidsregels. Hoe makkelijk het ook lijkt, ook jou kan iets overkomen.

1 - Zorg ervoor dat de spanning van het stroomnetwerk uitgeschakeld is.

2 - Controleer of je de juiste groep hebt uitgeschakeld met een spanningszoeker.

3 - Zorg ervoor dat al het water uit de buurt is; niet werken met vochtige handen!

4 - Maak altijd gebruik van elektrotechnisch gereedschap (bijvoorbeeld) dat toepasbaar is voor de omgeving waarin je werkt. Niet elk gereedschap is voldoende geschikt!

5 - Voor je eigen beeldvorming kun je een tekening maken wat je waarop moet aansluiten. Mocht je hierbij vragen hebben, neem dan contact met ons op.

Ben je nog niet klaar met aansluiten? Schakel nooit de spanning in voordat je helemaal klaar bent!

Wat is aarding?

Aarding is een geleidende verbinding van elektrische apparaten met de aarde. Hiermee voorkom je ongewenste elektrische spanning. Denk bijvoorbeeld aan het geleiden van een blikseminslag of statische elektriciteit. Die spanning moet ergens naartoe.

Er bestaan 3 verschillende systemen om jouw huis te aarden:

1 - TT-aardingssysteem
2 - TN-aardingssysteem
3 - IT-aardingssysteem

Over het algemeen wordt een TT-aardingsyssteem het meest toegepast in de woningbouw. Dit betekent een rechtstreekse verbinding van een punt met de aarde en is de verbinding geaard door middel van aardelektrode. Om het aardingsyssteem verder te ontcijferen; elk letter heeft een eigen betekenis.

Eerste letter
T = Rechtstreekse verbinding door middel van een punt met de aarde
I = Isolatie van alle actieve delen ten opzichte van de aarde

Tweede letter
T = Rechtstreeks geaard door middel van een aardelektrode
N = Verbonden met de geaarde beschermingsgeleider van het verdeelnet
U = De metalen omhulsels van de elektronische apparaten zijn met elkaar verbonden (niet geaard)
M = De metalen omhulsels van de elektronische apparaten zijn met elkaar verbonden en met het sterpunt van de voedingsbron (niet geaard)

Het kan voorkomen dat er een derde letter achter staat. Dit heeft te maken met het hoe de geleiders zijn verbonden. Bij de “S” worden de nulleider en de aardgeleider uitgevoerd als afzonderlijke geleiders. Bij een “C” vervult één geleider de functie van de aardgeleider en de nulleider.

Hoe bouw ik een inbouwdoos in?

Stap 1
Kies de juiste inbouwdoos met bijbehorende buizen. Teken op de muur waar je de inbouwdoos wilt monteren inclusief de afmeting daarvan. Het is verstandig om dit te doen waar je elektriciteitsleiding loopt. Schakel vervolgens de stroom uit.

Stap 2
Maak een gat in de muur waar je de inbouwdoos hebt afgetekend. Daar ga je de inbouwdoos monteren. Het gat in de muur moet de juiste diepte hebben om de doos te monteren.

Stap 3
Wanneer je het gat hebt gemaakt, maak je de goten om een leiding van buizen aan te leggen. Dit kan door middel van een beitel. Zo sla je sleuven waar de buizen in passen.

Stap 4
Laat inbouwleidingen alleen verticaal lopen (recht boven of onder het stopcontact). Zo kun je later zonder gevaar een schilderij ophangen, omdat je weet waar de leiding loopt.

Stap 5
Maak de buizen op maat met een ijzerzaag en verbind de bestaande buis met de nieuwe buis door middel van een mof of bochtstuk. Leg de buis in de goot die je zojuist hebt gemaakt Je eindigt met de inbouwdoos.

Stap 6
Trek de draden door de buis. Eventueel kun je hiervoor een trekveer gebruiken om de draden vast te maken en door de buis te trekken. De draden moeten lang genoeg blijven om af te knippen. Je stript de draden met een paar centimeter en verbindt deze met de installatiedraden in een lasklem.

Stap 7
Wanneer de draden zijn vastgeklemd met de lasklem in de inbouwdoos, verbind je deze draden met de andere draden in de centraaldoos.

Stap 8
Zorg ervoor dat alle draden zijn afgewerkt, voordat je de gaten weer gaat opvullen. Wanneer je alles netjes hebt afgewerkt, kun je de inbouwdoos gebruiken voor inbouw schakelmateriaal.

Hoe gebruik ik een lasklem?

Een lasklem gebruik je om een verbinding te maken tussen verschillende elektriciteitsdraden

Stap 1
Schakel de stroom uit alvorens je aan de gang gaat met elektriciteit. Wanneer je een gebruikte verbinding losmaakt, houd je de klem stevig vast en trek je het in een draaiende beweging los.

Stap 2
Vervolgens strip je de elektriciteitsdraden. Op de lasklem staat aangegeven wat de gewenste lengte is. Wanneer dit er niet op staat, houd dan tussen de 10 en 13 mm aan. Je doet het goed als je geen gestript draad meer ziet wanneer de draad in de lasklem bevestigd is.

Stap 3
Steek de blanke draad in de lasklem. Duw het handeltje naar beneden en controleer of de draad goed vast zit geklemd. Let op. Je mag nooit draden met verschillende kleuren in dezelfde lasklem toepassen.

Stap 4
Schakel de stroom weer in en controleer of de las is gelukt. Er bestaan transparante lasklemmen waarin je makkelijk kunt controleren of je de draden goed hebt verbonden.

Ik wil twee of meer lasklemmen met elkaar verbinden (doorlussen)

Stap 1
Knip installatiedraad af op de gewenste lengte. Verwijder 10 á 13 mm aan beide uiteindes. Afhankelijk van het aantal draden, doe je dit twee keer of vaker.

Stap 2
Plaats het draad dat je zojuist hebt gemaakt in de laatst overgebleven opening van de lasklem.

Stap 3
Verbind de overgebleven draden met de nieuwe lasklem.

Lasklemmen zijn niet geschikt om elektrische apparaten aan op te hangen.

Wat zijn de brandveiligheidsnormen voor kabels?

Voor de brandveiligheid van kabels heeft Europa de Construction Products Regulations (CPR) opgesteld. Dit zijn strenge eisen om te bepalen hoe veilig een gebouw is. CPR is de Europese regelgeving voor bouwproducten met de volgende doelen:

Meer helderheid; betrouwbare en eenduidige informatie vanuit 1 bron
Hogere kwaliteit; risicoafname
Hogere mate van veiligheid; minder slachtoffers

Bij een kabel wordt gekeken in hoeverre deze bestand is om vlam te vatten en wat de reactie is op het vuur. Het is belangrijk hoe goed de kabels bestand zijn tegen brand en naar het behoud van de kabels wanneer er brand is geweest.

De eisen uit het CPR zijn verwerkt door NEN in een NEN 8012 certificering. De nadruk ligt op brandveiligheid en de rol die kabels spelen. De veiligheidsnormen zijn verplicht om na te leven. Kabels worden onderverdeeld in een aantal classificaties. Hieronder zie je de verschillende brandrisico’s met de bijbehorende classificaties. De fabrikanten van kabels zijn verplicht deze eisen te vermelden.

Laat je hierin vooral adviseren door professionals die ervaring hebben met het bepalen de geschikte brandveiligheidsclassificatie voor je gehele bekabeling. Neem hiervoor eventueel contact met ons op.

NEN 8012 introductie – Grayle Kennisbank

Wat is het verschil tussen XMVK en YMVK?

Kabels zijn er in alle soorten en maten. Zo ook voor het gereed maken van jouw installaties. Denk hierbij aan installatiekabels en grondkabels. YMVKas en XMVKas zijn type grondkabels. YMVK, XMVK en YMVK-ss zijn installatiekabels. 

Welke heb ik nodig?
XMVK-kabels gebruik je om een wandcontactdoos (stopcontact) of verlichting mee aan te sluiten. Oftewel een geschikte kabel voor lichte installaties.

Is de belasting van de kabel groter? Gebruik dan een YMVK-kabel. Deze kun je gebruiken wanneer je meerdere en zwaardere installaties verricht. De kabel kun je tevens gebruiken in een kabelgoot en mag gebundeld worden.

Onder of in de grond
Komt er een installatie onder of in de grond te liggen? Kies dan altijd voor een grondkabel, omdat deze daarvoor gemaakt zijn.

Weet je niet welke kabel je nodig hebt? Neem dan contact met ons op en wij voorzien je van deskundig advies. Wij kunnen ook op locatie meekijken welke kabels het meest geschikt zijn.

Welke aderdikte van de kabel moet ik aanhouden?

De dikte bepalen van de aders in een kabel is belangrijk. Als er namelijk te veel stroom door een te dunne kabel gaat, ontstaat er oververhitting.

Hoe langer en dunner de kabel, hoe meer weerstand de stroom tegenkomt. Andere factoren die meespelen bij het bepalen van de dikte is de omgevingstemperatuur, inductieverlies of warmteontwikkeling door een kabelhaspel.

Weet je niet welke dikte je moet aanhouden? Laat je hierin vooral adviseren door professionals die ervaring hebben met het bepalen van aderdiktes in kabels. Neem contact met ons op voor deskundig advies hierin.

Wat is een aardlekautomaat?

Een aardlekautomaat heeft dezelfde werking als een aardlekschakelaar die in verbinding staat met een installatieautomaat.

Het voordeel van een aardlekautomaat is dat alleen de desbetreffende groep bij een te hoge lekstroom wordt uitgeschakeld. Bij een normale aardlekschakelaar worden alle installatiegroepen achter deze aardlekschakelaar uitgeschakeld.

Met een aardlekautomaat weet je dus snel welke groep de lekstroom veroorzaakt. Daarnaast bespaar je ruimte in jouw groepenkast, omdat de automaat minder groot is.

Wat is het verschil tussen een 1 fase en 3 fasen groepenkast?

Het is belangrijk om van tevoren te weten of je een 1 of 3 fasen groepenkast nodig hebt.

1 fase groepenkast
Een 1 fase groepenkast is een type met 2-polige aardlekschakelaars en 2-polige hoofdschakelaar. Deze groepenkasten worden vaak gebruikt in woonhuizen of appartementen.

3 fasen groepenkast
Een 3 fasen groepenkast heeft, net als de 1 fase, 2-polige aardlekschakelaars. Echter, heeft een 3 fasen een andere hoofdschakelaar. De hoofdschakelaar is 4-polig waarvan de breedte het dubbele is.

In een 3 fasen groepenkast is het mogelijk om een krachtgroep te plaatsen. Het gaat dan om een 3P + N automaat. Deze is geschikt voor een krachtaansluiting. Hierbij dien je een 4-polige aardlekschakelaar toe te passen. Heb je niet genoeg vrije ruimte in je groepenkast? Dan kun je kiezen voor een aardlekautomaat.

Wat is het verschil?
Het verschil kun je opmerken door te kijken naar de kWh-meter in de meterkast. 220/ 230 Volt staat voor een 1 fase groepenkast. 3x 220/ 230 Volt of 380/ 400 Volt is een 3 fasen groepenkast.

Laat het plaatsen van een groepenkast uitvoeren door een professional. Dit is een van de belangrijkste componenten in je installatie. Wanneer dit goed gebeurt, heb je er geen omkijken meer naar en weet je zeker dat alle elektrische aansluitingen en installaties goed werken.

Ben je op zoek naar een erkende installateur? Neem hiervoor contact met ons op. Wij kunnen je helpen bij het vinden van de juiste professional die je op locatie kan helpen.

Ik wil graag elektrisch koken, kan dat?

Als je wilt overstappen op elektrisch koken, dan moet je veranderingen aanbrengen in de groepenkast. Je maakt een aparte kookgroep voor inductie en keramische kookplaten. Deze hebben een maximaal aansluitvermogen van 7.300 Watt.

Wanneer je tussen de 7.400 en 11.400 Watt komt, dien je gebruik te maken van een krachtgroep. Deze kan alleen worden toegepast op een 3 fasen aansluiting.

Wat is een installatieautomaat?

Een installatieautomaat is een van de meest voorkomende componenten in jouw groepenkast. Je sluit hier jouw elektronische apparaten op aan. Denk bijvoorbeeld aan een vaatwasser of een oven. Een installatieautomaat dient als beveiliging van jouw elektronische apparaten. Zie het als een soort zekering. Wanneer er kortsluiting ontstaat, zal de automaat het stroomnetwerk van de specifieke groep onderbreken. Hiermee beveiligt hij de groep.

Wat is een aardlekschakelaar?

Een aardlekschakelaar meet lekstromen (lekkage) in jouw stroomnetwerk. Deze schiet automatisch in werking zodra er een lek wordt gedetecteerd. De schakelaar springt om en schakelt de groepen die erachter zitten uit.

Een lekstroom is gevaarlijk. Er staan op dat moment zaken onder stroom die niet onder mogen staan. Voorkom dat je zelf onder stroom komt te staan en installeer een aardlekschakelaar in je meterkast.

Wat is een hoofdschakelaar?

De naam zegt het al. Het is een schakelaar die het gehele elektronische circuit in een keer spanningsloos kan maken. Het is voor nieuwbouw en renovatie van jouw groepenkast verplicht deze te hebben.

0